Sven Vrins
Ik weet niet precies wanneer het begon, dat liedjes-schrijven. Wel herinner ik me de realisatie dat muziek creëren eigenlijk iets magisch is. Kijk, het begint eenvoudig. Met een gitaartje, het plezier van het zingen en wellicht een gebroken hart, ofzo. Zomaar een liedje. En zonder veel ophef gaat het zijn eigen leven leiden. Iemand luistert er eens naar, vindt het mooi, onthoudt het, wil meespelen. Je sukkelt wat met zijn tweetjes. En dan kent er eentje nog wel een bassiste en herinner je je die puike gitarist. De muziek groeit en vindt een drummer en niet veel later een zangeres-gitariste. En dan noem je het gemakshalve een band (Bubbles on the Loose) en speel je je 'guts out' op verschillende podia. En als herinnering aan de vele prachtmomenten neem je een heuse cd op. Te gek, bijna net zo leuk als in het echt! Kort daarna is het einde band. Alles heeft zijn tijd. De liedjes blijven gewoon komen. Strofe voor strofe schrijf ik tokkelend wat slechts terugblikkend de bouwstenen voor een repertoire waren. En dan gebeurt hetzelfde opnieuw, maar dan anders. Meisje vindt mijn briefje, een oproep voor een muzikale Sancho Panza. Meisje heeft een muzikaal vriendje en vindt iets van zijn contrabas. Vriendje blijkt te snappen waar het om gaat en kent nog wel een drummer. Boem-pats. Laten we het maar weer een band noemen (Loyola Drive). Je zou zeggen, "dat heb je toch al eens gedaan, het is meer van hetzelfde." Maar het is anders. Het is nieuw. Zelfde liedjesschrijver, zelfde zanger, andere muzikale makkers, een ander geluid. Prachtig! Na vier jaar, twee goedgelukte opnames en een handjevol mooie optredens, staat de punt er weer achter. En al tokkelend schrijf ik verder. Dit maal voor mijn eigen besloten feestje in de bijkeuken die Studio Stollenberg heet. Dat feestje komt en gaat en voltrekt zich al bijna twee jaar -- in slow motion. Headphones Slumberparty. En wie weet, hoort er zometeen iemand iets van. Vindt ie het mooi. Onthoudt ie het. Wil ie meespelen.
Sven